De naam Amersfoort is afgeleid van voorde (een doorwaadbare
plaats) en Amer (een oude naam van de rivier de Eem). De naam
verwijst naar een plek waar een weg de rivier kruiste en men de Eem
kon oversteken. Mogelijk lag deze voorde in de huidige
Bloemendalsestraat.
Bij deze strategische plek, op een natuurlijke heuvel met aan één
zijde water, stichtte de bisschop van Utrecht in de eerste helft
van de 12de eeuw een hofstede (waar nu de Joriskerk staat). Vanuit
deze hofstede werd de Gelderse Vallei ontgonnen. Goederen en
opbrengsten van het omringende land werden hier verzameld.
Kooplieden en ambachtslieden vestigden zich in de directe omgeving
en zo ontstond een nederzetting. Vermoedelijk was Amersfoort al
vroeg een overslagplaats en regionaal (handels)centrum.
Handelsgoederen werden overgebracht op grotere of kleinere schepen
of op karren om verder vervoerd te worden.