Het gebied van Den Treek kent een lange historie. In 1334 wordt melding gemaakt vande Treke, in 1529 wordt melding gemaakt van Den Treek als een van de grootste hoeven uit het gebied. De Treekerweg heeft een middeleeuwse oorsprong en werd voor 1947 ook wel Treekerteerweg genoemd. Dit wijst er op dat dit een van de eerste geasfalteerde wegen van de gemeente was.
Het hoofdhuis 'Huize Den Treek', Rijksmonument
In 1807 (op 12 juni) komt de boerderij in handen van mr. WH de Beaufort die het landgoed uitbreidt en het huis verbouwd. De formele tuin die tot dan bij het huis lag, wordt rond 1820 omgevormd tot landschapspark naar mogelijk een ontwerp van J.D. Zocher jr. en later S.A. van Lunteren.
De beide zijvleugels aan weerszijde van het middengedeelte worden in 1810-1812 in empirestijl aangebouwd. Aan het einde van de negentiende eeuw wordt het middengedeelte gemoderniseerd met neo-classicistische elementen.
In 1949 wordt het huis omgebouwd tot pension naar ontwerp van G. Pothoven, hierbij werd de rechterzijvleugel verhoogd met 1 verdieping en de uitbreiding aan de achterzijde met een serre. het pension is in 1981 volledig gemoderniseerd. Sinds 1998 is het huis in particuliere handen, verbouwd en niet langer toegankelijk voor publiek.
Duiventoren, Rijksmonument
In 1880 werd de duiventoren aan de achterzijde van het huis gebouwd. Het houden van duiven was tot de zeventiende eeuw een zogenaamd heerlijk recht, verbonden aan een heerlijkheid. Pas in de zeventiende eeuw mochten ook burgers duiven houden. Vanaf de negentiende eeuw wordt het houden van duiven steeds meer een statussymbool. Deze toren bestaat uit een 6-hoekige houtconstructie met in de lantaarn de vlieggaten.
De Ossenstal, Treekerweg 11, thans woonhuis
Dit gebouw maakt onderdeel uit van het landgoed Den Treek. Dit pand is in 1887 gebouwd vermoedelijk als droogschuur voor hop of tabak. Het stalgedeelte werd in 1949 tot woonruimte verbouwd.
Voormalig koetshuis, Treekerweg 46, Rijksmonument, thans woonhuis
Dit koetshuis werd in de jaren 1890-1892 gebouwd naar plannen van J. Pothoven voor de toenmalige eigenaar, A.J. de Beaufort. Dit koetshuis omvatte ook een dienstwoning en een poortgebouw en werd in laat neoclassicistische bouwstijl ontworpen. In de halfronde doorgang is een ijzeren toegangshek aangebracht. Op de sluitsteen staat het jaartal 1892 vermeld.
In 1920 wordt het koetsgedeelte veranderd in een veestal. In 1966 zijn de gevels veranderd ten behoeve van de woonfunctie. Het complex werd in 1990 gerestaureerd.
Bron:Ingezonden door: Historische Kring Leusden