terug

Zevenhuizerstraat 56

Zevenhuizerstraat 56

Zevenhuizerstraat 56, Amersfoort

Functie: Woonhuis

De boerderij De Bosserdijk is op grote afstand aan de oostzijde van de Zevenhuizerstraat gelegen.
Een haaks op de Zevenhuizerstraat staande oprijlaan, geflankeerd door hoge, monumentale eiken, markeert de toegang tot het erf van de boerderij. Naast de boerderij staat aan de noordzijde een stenen, van oorsprong wellicht 17de-eeuwse schuur en aan de achterzijde zijn twee – thans dicht geplankte - hooibergen gelegen.

Historie

De boerderij De Bosserdijk wordt voor het eerst vermeld in het Malenarchief, waarbij boerderijen in 1619 en opnieuw in 1630-34 naar grootte van hun terrein werden aangeslagen voor het dijkonderhoud van de Eem. Omdat de boerderij in 1648 niet met name wordt genoemd, vermoedt men dat De Bosserdijk is afgesplitst van een van de andere in de omgeving liggende boerderijen.
In deze periode van De Bosserdijk eigendom van het kapittel van de Sint-Pieterskerk te Utrecht. Na de Hervorming bleven de gronden overigens in het bezit van dit kapittel, dat in een gereformeerde instelling, bestuurd door Utrechtse notabelen, werd gewijzigd.
In de 17de eeuw bezat De Bosserdijk 35,5 morgen land, d.w.z. circa 30 ha, waarvan het grootste deel rond de boerderij was gelegen. In 1784 bestond De Bosserdijk uit een hofstede met twee hooibergen, een wagenschuur, twee schaapshokken en ruim 44 morgen land (circa 37 ha).
In de Franse tijd werden de tot het kapittel behorende boerderijen en hun gronden beheerd door de Dienst der Domeinen. In 1818/1819 werden een wet en een Koninklijk Besluit van kracht op grond waarvan de gronden van het kapittel openbaar moesten worden verkocht. Na 1820 is De Bosserdijk, op grond van deze wetgeving overgegaan in particuliere handen.
Omstreeks 1949 is de boerderij in twee woningen verdeeld, waarbij de tegen de brandmuur gelegen schouw werd gehalveerd. Later zijn kamers in de deel aangebracht, waarmee de oorspronkelijke indeling is gewijzigd. Ook de boven een kelder gelegen opkamer is in die periode verdwenen.

De boerderij van het hallenhuistype is gebouwd op een rechthoekig grondvlak van circa 6x13 meter. Aan de voorzijde (westkant) bevindt zich het woongedeelte, dat door een brandmuur ongeveer halverwege de bouwmassa van het stalgedeelte is gescheiden.
Het één bouwlaag tellende volume wordt besloten door een afgewolfd zadeldak, dat met riet is gedekt.
De gevels, rustend op een grijze, gecementeerde plint bestaan uit rode baksteen, gemetseld in staand verband, waarbij de strekkenlaag wordt afwisselend door een koppenlaag. In de kop- en zijgevels zijn eenvoudige smeedijzeren muurankers aangebracht.
De voorgevel, die van vlechtingen is voorzien, kent een symmetrische opzet. In het midden is de hoofdentree gesitueerd, die zoals gebruikelijk alleen bij huwelijken en begrafenissen zal zijn gebruikt. Boven de deur is een bovenlicht aangebracht. Aan weerszijden van deze toegangsdeur bevindt zich, tussen twee rollagen, een venster, dat voorzien is van luiken. Uiterst rechts is een kleiner venster met luik geplaatst. Geheel links is eveneens een klein venster met luik aangebracht, dat oorspronkelijk toegang gaf tot de boven een kelder gelegen, maar inmiddels verdwenen, opkamer. In de topgevel zijn twee kleine, vrijwel vierkante vensters geplaatst, die gelet op de twee boven elkaar gelegen rollagen, ongetwijfeld van later datum zijn.

Ook de achtergevel is symmetrisch van opzet. In het midden bevinden zich twee hoge, rechthoekige staldeuren, die door twee getoogde venstertjes worden geflankeerd. Geheel links en rechts geven licht getoogde, opgeklampte deuren toegang tot het stalgedeelte. Boven de middendeuren is een hooideur aangebracht. Ook de achtergevel is voorzien van vlechtingen en veertien eenvoudige, smeedijzeren ankers, waarvan een exemplaar is afgebroken. Het metselwerk rond de noord-oosthoek is vernieuwd.

In de rechter zijgevel (zuidzijde) bevindt zich in het woongedeelte een nieuw gemetselde toegangspartij, bestaande uit links een breed venster, in het midden de toegangsdeur en rechts een dubbel venster. Het stalgedeelte bezit twee licht getoogde houten staldeuren, afgewisseld met betonnen stalvensters. In het oorspronkelijke metselwerk zijn nog eenvoudige, smeedijzeren ankers aanwezig.

Het metselwerk van de linker zijgevel is op meerdere plaatsen vernieuwd, met name rond een nieuwe toegangsdeur. Op andere plaatsen zijn oude stenen hergebruikt. De gevelindeling is hierdoor tamelijk ingrijpend gewijzigd. Het woongedeelte bezit rechts van de nieuw ingebrachte deur een dubbel venster. In het stalgedeelte is aan weerszijden van de houten staldeur een getoogd, betonnen stalvenster aangebracht. Ook deze zijgevel bezit eenvoudige, smeedijzeren ankers.

Zoals gezegd moet op grond van de beschikbare historische informatie worden vastgesteld, dat in het interieur de oorspronkelijke indeling van de boerderij - door de splitsing in twee woongedeelten en het verdwijnen van de opkamer - ingrijpend is gewijzigd. Echter, in het oorspronkelijke stalgedeelte zijn nog drie gebinten aanwezig en ook de kapconstructie is nog aanwezig.

De bijgebouwen hebben ingrijpende verbouw- en herstelwerkzaamheden ondergaan. Met name de ingangsgevel van het evenwijdig aan het hoofdgebouw gelegen stalgebouw, waarvan een gedeelte ooit dienst deed als bakhuis, heeft door het aanbrengen van nieuwe deuren en het vernieuwen van het metselwerk sterk aan monumentale waarde ingeboet.
De aan de achterzijde van de boerderij gelegen hooibergen, waarvan de meest noordelijke vijf roeden bezit en de andere vier, zijn grotendeels dicht geplankt.

Motivering

Vanuit stedenbouwkundig gezichtspunt neemt de boerderij door zijn ligging in de as van de lange oprijlaan met monumentale bomen een belangrijke plaats in het dorpsbeeld in. Daarnaast behoort De Bosserdijk tot een van de oudste nog bestaande boerderijen in Hoogland, waardoor het pand een grote historische waarde bezit. Ondanks het feit, dat de indeling van de boerderij en met name de zijgevels tamelijk ingrijpend zijn gewijzigd, is de boerderij door de gave kopgevels architectuurhistorisch nog steeds van grote waarde. De bijgebouwen zijn beeldondersteunend, waarbij de bouwmassa’s voor het ensemble van essentiële waarde zijn.

Bureau Monumentenzorg, gemeente Amersfoort, nr. 12995

Info ReactiesAfbeeldingen Streetview