terug

Kamerlingh Onnesstraat 1-3

Kamerlingh Onnesstraat 1-3

Kamerlingh Onnesstraat 1-3, Amersfoort

Architect: Laurentius, M.; Laurentius, D. Th.
Functie: Woonhuis en kantoor

Situering

De Finse School is evenwijdig gelegen aan de Kamerlingh Onnesstraat, waarbij de tamelijk gesloten noordgevel met de hoofdingangen en de daarachter gelegen gang aan de openbare weg is geplaatst, terwijl de klaslokalen op het zuiden aan het schoolplein zijn gesitueerd.

Historie

Na de Tweede Wereldoorlog ontstond er een grote behoefte aan nieuwe schoolgebouwen. Aangezien de bouwmaterialen nog slechts spaarzaam voorhanden waren, werd een systeembouw ontworpen, waarbij op basis van een handelsverdrag gebruik kon worden gemaakt van bouwmaterialen uit Finland. Vandaar dat dit schooltype wel met de benaming Finse School werd aangeduid. Op 25 februari 1949 werd het eerste houten schoolgebouw uit een serie van 50 in Finland aangekochte scholen in aanwezigheid van de Finse gezant en een groot aantal directeuren gemeentewerken te Voorschoten geopend. Deze systeembouw werd in Nederland gebouwd door de firma N.V. PANAGRO te Warmond, waarbij de architecten M. Laurentius en ir. D.Th. Laurentius betrokken waren. Eind 1949 had deze firma al bouwvergunning verkregen voor 115 schoolgebouwen. In de loop der tijd zijn veel scholen van dit type vervangen en afgebroken, waardoor nog slechts een zeer klein aantal (circa vijf) resteert. Inmiddels is bekend dat in Schiedam een Finse School gedeeltelijk op een andere locatie zal worden herbouwd, terwijl in Leiden op dit moment plannen bestaan om een Finse School als gemeentelijk monument voor te dragen.

De Finse School in Amersfoort is gebouwd op een rechthoekige plattegrond met de afmetingen van circa 75x9,5 meter. Het schoolgebouw is geheel uit hout opgetrokken, waarbij de geteerde houten delen aan de onderzijde van de gevel horizontaal over elkaar zijn aangebracht (gepotdekseld), terwijl
het bovendeel van de gevel bestaat uit vertikaal in messing en groef aangebrachte delen.
Het schoolgebouw staat op een gemetselde fundering en telt één bouwlaag voorzien van een zadeldak, dat met rubberoid is voorzien van grijze lei-slag. In dit volume waren oorspronkelijk acht leslokalen ondergebracht, waarbij gebruik is gemaakt van een stramienmaat van l.20 meter.
Geheel aan de oostzijde bevond zich de kamer voor het schoolhoofd. Dit onderdeel vormt één geheel met het uit acht traveeën tellende hoofdvolume, maar is iets minder diep, waardoor aan de pleinzijde een grote overstek ontstaat, dat oorspronkelijk op drie, maar na een kleine verbouwing thans op twee in het gevelvlak van het hoofdvolume geplaatste houten staanders rust.
Een op de zolder geplaatste houten klokkenstoel, waarin de schoolbel is gehangen, benadrukt de oostelijke ingangspartij. In de gang, zijn tegen de voorgevel een aantal toiletten gegroepeerd, steeds twee per lokaal. Aan de zuidzijde bevinden zich de leslokalen, waarbij het zonlicht door brede vensters, door roeden onderverdeeld, kan toetreden.
De structuur van de school is nog grotendeels gaaf. Alleen de lokalen in de vijfde en achtste travee zijn vergroot, terwijl de zevende travee een nieuwe indeling heeft gekregen, waarmee de school aan de nieuwe onderwijseisen is aangepast.
In de voorgevel bevinden zich twee ingangspartijen die midden voor de eerste en de zesde travee zijn geplaatst. Hierbij is het dakschild doorgetrokken, dat rust op een juk, dat bestaat uit een dwarsbalk die ondersteund wordt door twee, buiten het gevelvlak geplaatste, houten staanders op een betonnen voet. Aan de binnenzijde zijn tussen balk en staander schoren aangebracht. De dubbele toegangsdeuren worden omgeven door een geprofileerde omlijsting.
Direct onder de daklijn is ter plaatse van het hoofdvolume een horizontale vensterreeks aangebracht. In deze reeks zijn zeven series van drie gekoppelde vensters geplaatst, waarbij ieder venster door roeden in zes ruiten is verdeeld (a). Daarnaast zijn er vijftien vierkante velden, die door diagonaal geplaatste planken, geheel gesloten zijn (b). Tot slot zijn er vijftien vierkante velden, waarin centraal een dieper gelegen, klein venster is geplaatst. Alle zijden van dit venstertje worden door drie smalle planken omgeven (c). Hiermee ontstaat in het hoofdvolume achtmaal het ritme c, b, a, b, c, waarbij in de zesde travee van links de gekoppelde vensters door een hoofdentree zijn vervangen. De kozijnen van gekoppelde vensters steken aan de onder- en bovenzijde iets naar buiten en bezitten een afgeronde binnenhoek. Geheel links bevindt zich ten behoeve van een keukentje een vierkant venster met diagonaal geplaatste roeden.
De achtergevel van het hoofdvolume bestaat eveneens uit acht traveeën. In iedere travee zijn vijf gekoppelde, verticale vensters aangebracht, waarbij roeden de vensters in tien ruiten verdelen. Het raam bestaat uit een naar binnen draaien valraam aan de bovenzijde en twee naar buiten draaiende ramen aan de onderzijde. Ook hier steken de kozijnen aan de onder- en bovenzijde enigszins uit, waarbij de binnenhoeken zijn afgerond. In de derde travee van links is later een dubbele toegangsdeur aangebracht.
De teruggelegen gevel van de kamer van het schoolhoofd, ondergebracht in het nevenvolume, bezit een vierkant venster, dat uit twee ramen bestaat. Het kozijn bezit dezelfde detaillering als de overige vensters van het schoolgebouw.
In de rechter zijgevel (westzijde) is links uit het midden een dubbele deur geplaatst. Een klein vierkant ventilatievenster is vlak onder de nok aangebracht. In de linker zijgevel (oostzijde) bevindt zich links uit het midden een vierkant venster, dat licht geeft aan de kamer van het schoolhoofd. Rechts van het midden is een klein wc-raampje aangebracht, terwijl pal onder de nok een vierkant ventilatievenster is geplaatst.
Het interieur van de Finse School is nog grotendeels in takt. In de gang liggen rechthoekige rode plavuizen in blokmotief gelegd. De binnenwanden van de gang en de lokalen zijn van gelakte houten delen opgetrokken, die evenals de buitengevel aan de onderzijde horizontaal en boven het midden vertikaal zijn aangebracht.

Motivering

Hoewel het bouwtype Finse School in Nederland tussen 1948 en 1950 in groten getale is gebouwd, heeft onderzoek aangetoond dat het merendeel van deze schoolgebouwen inmiddels is gesloopt. Hierdoor bezit het Amersfoortse voorbeeld van dit bouwtype een relatief hoge zeldzaamheidswaarde. Aangezien het gebouw voor wat betreft structuur, gevelindeling en detaillering nog een grote gaafheid bezit, komt dit gebouw voor een plaats op de gemeentelijke monumentenlijst in aanmerking.

Bureau Monumentenzorg, gemeente Amersfoort, nr. 530

Info ReactiesAfbeeldingen Streetview