terug

Opvoedingsgesticht

Koningin Beatrixplantsoen 16-36, Amersfoort

Omschrijving

Het in overgangsarchitectuur ontworpen OPVOEDINGSGESTICHT met neo-renaissance en Chaletstijl kenmerken, is gelegen aan de noordzijde van een rechthoekig voorplein. Aan de linkerzijde is voor het gebouw de woning van de directeur gelegen en, vrijwel symmetrisch, is rechts de woning van de adjunct-directeur gesitueerd. De plattegrond is na de verbouwing in 1997-1998 U-vormig geworden doordat de gebouwen op het binnenterrein zijn gesloopt en nieuwe achtergevels zijn aangebracht bij zowel de vleugels als de hoofdmassa. Het gebouw bestaat hoofdzakelijk uit twee bouwlagen met een samengesteld, deels afgeplat, zadeldak. De grootste bevindt zich in het midden van de voorgevel en bestaat uit drie-en-een-halve bouwlaag, bedekt met twee elkaar kruisende zadeldaken, met op de kruising een grote windvaan. De twee kleinere torenelementen, waarin trappartijen zijn ondergebracht, bevinden zich ongeveer in het midden van de zijgevels en zijn slechts iets hoger dan twee bouwlagen. Deze risalerende elementen worden bedekt door een zeer flauw hellend schilddak. Alle daken zijn overstekend en worden door gesneden schoren ondersteund. Chalet-invloeden zijn aan te wijzen in de houten steekkappen van de dakkapellen alsmede en vooral in het houtwerk dat is toegepast aan de zijgevels en aan het hoge torenelement. De gevels zijn opgetrokken uit een donkerrode baksteen. Ter hoogte van de natuurstenen onder- en bovendorpels van de vensters zijn lichtrode verblendstenen banden in de gevels aangebracht. De gevels staan op een natuurstenen plint. De schuifvensters zijn voorzien van een bovenlicht en worden overspannen door een segmentboog met natuurstenen sluitsteen. De oorspronkelijke kruisvormige roedenverdeling in de bovenlichten van de schuifvensters is verdwenen.

De langgerekte symmetrische voorgevel (zuidzijde) bezit in het midden een risalerend torenelement met een breedte van één travee. Aan weerszijden van de toren bevindt zich een vijf traveeën brede vleugel, waarin iedere travee twee dicht bij elkaar geplaatste vensters bezit. De vleugels worden op de uiteinden door hoekelementen afgesloten ter breedte van twee traveeën, die op de begane grond één venster en op de verdieping twee ver uit elkaar geplaatste vensters bezitten. Bij de verbouw is op de begane grond de verbinding met de villa's verdwenen, waarbij het metselwerk geheel in stijl is gerepareerd. In de eerste bouwlaag van de toren is een moderne entree aangebracht. In de tweede en derde bouwlaag van de t...

Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/rijksmonumenten.info

 
Info  Reacties Afbeeldingen Streetview