terug

Schaepmanlaan 2-34

Schaepmanlaan 2-34, Amersfoort

Omschrijving

Het langgerekte woonblok D Schaepmanlaan 2-16; Borgesiuslaan 34, behorende tot het complex MIDDENSTANDSWONINGEN van architect A.H. van Wamelen, is aan de oostzijde van de Schaepmanlaan gelegen en is met de voorgevel op het westen georiënteerd. Ondiepe tuinen scheiden het van de openbare weg. Een overwelfde gang scheidt zeven noordelijke woningen van twee zuidelijke woningen. Deze twee woningen zijn evenals de noordelijke hoekwoning iets westelijker gelegen.

De plattegrond is overwegend rechthoekig, met uitzondering van enkele verspringingen, de ronde uitstulpingen op de hoek van de noordelijke eindwoning en de aan de achterzijde geplaatste, rechthoekige keukenuitbouwen. Bij het woningblok behoren vrijstaande schuren van hout met een rieten dak. Het woningblok volgt het hellende terrein: elke woning verspringt ten opzichte van de woningen links en rechts licht in hoogte. Dit is het best waarneembaar aan de dakrand, die telkens een knik maakt. De toegangen van de woningen met rietendak worden door een smalle goot vrijgehouden van regenwater.

De woningen hebben in hoofdzaak twee bouwlagen. De tussenwoningen zijn daarbij overkapt met een pannen zadeldak dat evenwijdig loopt aan de weg. Bij de drie woningen aan de uiteinden gaat het pannen dak over in een rieten dak, dat een expressieve, hoogopgaande vorm heeft en deels doorloopt tot op de eerste bouwlaag. Bakstenen schoorstenen en gebogen dakkapellen doorbreken de daken.

Niet alleen in de expressieve vormen van de dakpartij maar ook in het speelse en fantasierijke metselwerk, de verfijnde roedenverdelingen in de vensters, die voorzien zijn van luiken, en de horizontale en verticale beschotting van de gevels komen de invloeden van de Amsterdamse School, de uit Engeland afkomstige Cottage-stijl en de Gooise landhuisstijl naar voren.

De voorgevel (westzijde) bestaat van links naar rechts uit een hoekwoning met uitstulpende hoekerker (type A), met daarnaast zes woningen van het type B en BI, door een gang gescheiden van twee vooruitspringende woningen (type B en BI). Boven de ronde erker geheel links, met strokenvenster, loopt de kap door tot op de eerste bouwlaag. Verder telt de gevel overal twee bouwlagen. De gevel wordt verder onderverdeeld door de horizontale beschotting van de middenwoningen in het teruggelegen stuk. Hierdoor ontstaat een zeer gevarieerd beeld: er zijn woningen met bakstenen gevels en rieten kappen, woningen met bakstenen gevels en pannendak en woningen met beschotte gevels ...

Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/rijksmonumenten.info

 
Info  Reacties Afbeeldingen Streetview