terug

Klein Schutterveld

Arnhemseweg 12, Leusden

Inleiding

Het houten WOONHUIS van het type landhuis, Klein Schutterhoef genaamd, is in 1934 gebouwd in opdracht van mevrouw M. Roell, bewoonster van het nabijgelegen Groot Schutterhoef. Na het overlijden van haar man wilde zij samen met haar kinderen kleiner gaan wonen. Het huis is een Noors zomerhuis opgebouwd uit balken (logs) naar voorbeeld van het Fl¿/yestube in Bergen. Het huis dat als bouwpakket (type 464) is aangeleverd, is een ontwerp van Bernt Paulsen van de firma Stenberghus uit Oslo. Kort na de oplevering is een gedeelte van de veranda aan de achterzijde dichtgezet en bij de eetkamer getrokken. De loggia op de verdieping aan de voorzijde is later van glas voorzien. In 1989 is het huis aan de linker- en aan de achterzijde uitgebreid in dezelfde stijl, waardoor het huis dat oorspronkelijk een L-vormig grondplan bezat, een kruisvormige plattegrond kreeg. Er is hierbij gebruik gemaakt van Finse logs. Deze bestaan uit verlijmde delen met een iets ander profiel dan de oorspronkelijke Noorse logs. De ingang die zich tegen de linkerzijgevel bevond is in zijn geheel verplaatst naar de huidige plaats schuin aan de voorzijde. Tevens is het huis aan de binnenzijde gedeeltelijk geïsoleerd, waarbij rabatdelen als afwerking zijn gebruikt. Het op ruime afstand van de weg gelegen woonhuis is via een oprijlaan vanaf de Arnhemseweg te bereiken. Het huis wordt omgeven door een grote siertuin die aan de achterzijde grenst aan een akker die behoort tot het landgoed Den Treek.

Omschrijving

Het deels onderkelderde woonhuis op een van oorsprong L-vormige plattegrond, later uitgebreid tot een kruisvormige (latijns) plattegrond, bestaat uit twee bouwlagen onder elkaar kruisende zadeldaken met een flauwe dakhelling en gedekt met rode Hollandse pannen. De gevels boven een gemetselde voet bestaan uit horizontale balken (logs) met dubbele messing-groef verbinding en zijn op de gevelhoeken met elkaar verbonden in een halfhout-verbinding met doorstekende balkeinden. De verdieping kraagt, ondersteund door balkeinden van de verdiepingsvloer, licht uit. De geveltop bestaat uit verticaal geplaatste balken. Langs de topgevels, die bekroond worden door gestileerde drakenkoppen zijn eenvoudige windveren aangebracht. De houten dakgoten zijn voorzien van een spuwer aan de uiteinden.

Rondom zijn enkel-, twee- of drielichts roedenverdeelde draaivensters en dubbele tuindeuren met roedenverdeelde ruiten aan gebracht. Bij het oorspronkelijke deel van het huis aan de noordwest- en noord...

Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed/rijksmonumenten.info

 
Info  Reacties Afbeeldingen Streetview