<

Wandelroute: Amersfoort Vestingstad - eerste ommuring

route

Amersfoort kent in haar geschiedenis twee ommuringen. De eerste muur werd gebouwd tussen eind 13de eeuw (na het verkrijgen van stadsrechten in 1259) en begin 14de eeuw. De tweede muur werd gebouwd in de periode 1380-1451. Op de plaats van de eerste stadsmuur werden 'muurhuizen' gebouwd, met delen en losse stenen van de eerste muur. Deze wandeling geeft een beeld van de eerste ommuring.

1. Waterpoort

Waterpoort

Tot 1425 verliet het water de ommuurde stad door een waterpoort naast Museum Flehite.

Van deze waterpoort is niets bekend, geen naam en ook niet de exacte ligging. Bij opgravingen in de 20ste eeuw is gebleken dat de achtermuur van Breestraat 80 (het linker muurhuis van Museum Flehite) op een zeer zware funde­ring staat van ruim twee 2 meter dik. Mogelijk zijn dit muurresten van deze onbekende waterpoort. Na 1425 werd deze waterpoort afgebroken en omstreeks 1540 verrees op die plek het huidige muurhuis, mogelijk dus gefundeerd op resten van de eerste stadsverdediging.

2. Bloemendalse Binnenpoort

Bloemendalse Binnenpoort

De Bloemendalse Binnenpoort heette oorspronkelijk de Havickerpoort, genoemd naar het Havik, de binnenhaven van het oude Amersfoort. De weg door de poort leidde naar Hoogland en liep door het gebied Bloemendal, direct buiten de poort. Vandaar de naam Bloemendalsepoort.

De Havickerpoort was een zware vierkante toren met een onderdoorgang. Gezien het aangetroffen  baksteenformaat is de toren aan het einde van de 13de eeuw gebouwd, kort na de stadsrechtverlening. Omstreeks 1425 raakte de poort buiten gebruik door de aanleg van de nieuwe Bloemendalsebuitenpoort in de tweede stadsmuur. Toch heeft de poort nog tot 1660 in de stad gestaan: zo is de poort nog goed te zien in 1657 op de stadsplattegrond van Janssoinius / De Wit.

Het enige wat nog rest is de straatnaam ter plekke, Bloemendalse Binnenpoort.   

3. Kamperbinnenpoort

Kamperbinnenpoort

De Kamperbinnenpoort was een eenvoudige, rechthoekige poort in de eerste stadsmuur uit de tweede helft van de 13de eeuw. De oorspronkelijk naam was Viepoort of Martenspoort.

Buiten de stadsgracht stond een voorpoort, met twee smalle, achthoekige torens en een boog ertussen. Deze was met de hoofdpoort verbonden door een brug. De naam van de poort verwijst naar het 'vie' (vee), dat van stadsboerderijen door deze poort naar buiten de muren werd gebracht. Daar lagen weilanden die het bezit waren van de Utrechtse Sint Maartensabdij.

Met de aanleg van de tweede stadsmuur en de Kamperbuitenpoort in het begin 15de eeuw raakte de Viepoort zijn verdedigingsfunctie kwijt. In de eerste helft van de 16de eeuw werd de hoofdpoort grotendeels afgebroken en bleef alleen de voorpoort staan. De boog tussen de torens werd in 1827 gesloopt, maar in 1931-1933 opnieuw aangebracht.

4. Plompe- of Dieventoren

Plompe- of Dieventoren

Zware toren, deel uitmakend van de eerste ommuring, later de Muurhuizen. Gebruikt als gevangenis. In 1860 voorzien van een dakruiter en klokje afkomstig van het St. Agnietenklooster, het Latijntje genaamd. De klok slaat altijd later dan de andere klokken, anders zouden er ongelukken gebeuren, zo dacht men vroeger. Foto genomen vanaf de Zuidsingel, 2010.

5. Tinnenburg

Tinnenburg

Toen de stad na 1259 ommuurd werd, stroomde aan de oostzijde van de stad het water van de Heiligenbergerbeek de ommuurde stad in. Ter verdediging van deze waterdoorgang werd in de 14de-eeuw Huis Tinnenburg gebouwd.

Tinnenburg vormde samen met Huis Rommelenburg aan de overzijde van het water de waterpoort in de stadsmuur.  De doorsnede van die stadsmuur is in de zijgevel van muurhuis Tinnenburg  duidelijk te zien. De muur was circa zeven meter hoog en 60 cm dik en aan stadszijde voorzien van een weergang op bogen en met kantelen (tinnen). Direct buiten de muur lagen twee grachten. Na de aanleg van de tweede stadsmuur was de waterpoort bij Tinnenburg niet langer nodig en werd omstreeks 1450 afgebroken. Huis Tinnenburg werd verbouwd tot woonhuis en Rommelenburg verdween in 1848.

 

6. Rodetorenpoort

Rodetorenpoort

De Rodetorenpoort lag in de eerste stadsmuur aan de zuidzijde van de Langestraat. De weg onder de poort liep naar Leusden en Utrecht.

Gezien het aangetroffen  baksteenformaat is de poort aan het einde van de 13de eeuw gebouwd, kort na de stadsrechtverlening. Omstreeks 1425 raakte de poort buiten gebruik door de aanleg van de tweede stadsmuur en is voor 1560 afgebroken. Op de stadsplattegrond van Jacob van Deventer uit ca 1560 is de Rodetorenpoort niet meer te zien. De poortfunctie is in de tweede stadsmuur overgenomen door twee stadspoorten, de Utrechtsepoort aan de weg naar Utrecht en de Slijkpoort aan de weg naar Leusden en Arnhem.

Langestraat 9 is het muurhuis dat naast de Rodetorenpoort heeft gelegen.

7. Onze-Lieve-Vrouwetoren

Onze-Lieve-Vrouwetoren

De Lieve-Vrouwekapel werd omstreeks 1460 gebouwd als bedevaartskerk voor het Mirakel van Amersfoort. De 12de-eeuwse kapel die er al stond, werd het koor van de nieuwe kerk. De toren, iets lager dan de Utrechtse Domtoren, stond apart en schuin ten opzicht van de kerk. Dit kwam doordat de toren op de fundamenten van de oude stadsmuur stond. De toren is symbolisch gebouwd; het trappentorentje staat voor het kindje Jezus, de toren voor Maria.

Na de Reformatie in 1579 kreeg het kerkgebouw andere functies, bijvoorbeeld die van munitieopslagplaats. Door een buskruitontploffing in 1787 stortte de kerk in, maar de toren bleef staan. Rond de kerk lag een begraafplaats, die tot ongeveer 1829 werd gebruikt. Tegenwoordig zijn de omtrekken van het kerkgebouw zichtbaar in de straatstenen van het Lieve-Vrouwekerkhof. Ook is te zien dat de Lieve-Vrouwetoren het kadastrale nulpunt van Nederland vormt sinds de oprichting van het Kadaster in 1832: de X- en Y-as zijn in de bestrating aangegeven. In de toren bevindt zich nog altijd het 17de-eeuwse Hemony-carillon met 35 klokken, dat recentelijk is uitgebreid tot precies 100 klokken.

Open deze route binnen Amersfoort op de Kaart

Kaartgegevens ©2017 Google